Voor de deur van Gasthuis Groningen wacht ik eventjes voor ik aanbel. Wat zal ik aantreffen? Een sombere, kille hospice met ziekenhuisluchtjes? Dan zwaait de deur open en Reitse Gerben Nijland schudt mij lachend de hand. Binnen praat ik met hem en Sjoerdtje Pentermann. Beide zijn vrijwilliger van Humanitas.
Aan de keukentafel vertelt Reitse hoe hij het werk ervaart. "Toen ik hier begon, zo'n acht maanden geleden, had ik een heel ander beeld. Ik dacht dat de dood hier dominant aanwezig zou zijn. Gelukkig is dat niet zo. Er heerst hier een rustige en meestal positieve werksfeer. Dat was precies wat ik hoopte te vinden." Ook met de gasten praat Reitse niet enkel over het naderende einde. "Natuurlijk praat ik wel eens over doodgaan, maar het onderwerp ligt niet steeds op tafel. We kletsen bijvoorbeeld ook over wat we zien op televisie."
‘Nietsdoen'
Tijdens mijn tweede kopje thee legt Reitse uit wat hij tijdens een dienst doet. "Soms kook ik voor een gast of ik doe de was, maar ik zit hem of haar niet de hele tijd op de lip. Als een gast alleen wil zijn, zit ik in de hal en ben ik gewoon aanwezig." Soms vindt Reitse het ‘nietsdoen' wel lastig. Dit merkte hij toen hij voor het eerst iemand bijstond tijdens de laatste fase. "Ik zat naast de gast en bevochtigde af en toe haar lippen. Het was zo'n intiem moment. Toen dacht ik: wat moet ik doen, wat kan ik doen? Maar ik realiseerde me dat ‘er zijn' al genoeg was."
Bewust
Door dit werk is Reitse bewuster van zijn eigen eindigheid. "Het kan zomaar afgelopen zijn. Ik weet nu ook beter hoe ik het zelf zou willen. In een verpleeghuis hebben ze minder tijd en personeel. Nu ervaar ik dat het anders kan. Hier kunnen de gasten doen wat ze thuis ook deden. Ze kunnen zelf bepalen wat ze eten en bezoek ontvangen wanneer het hen uitkomt. Die zelfstandigheid proberen we zoveel mogelijk te stimuleren. Dus ik ga nooit zomaar iets uit mezelf doen, ik vraag altijd wat de gast wil. Het is toch een ‘thuissituatie'."
Verdriet
Als ik aan Sjoerdtje vraag of ze het werk af en toe mee naar huis neemt, schudt ze haar hoofd. "Als ik hier de deur sluit, kan ik het loslaten. Natuurlijk raakt het mij weleens maar het belemmert mij niet. De ontroering die ik soms voel, is meestal vanwege het verdriet van de familie. Dat raakt me."
Na het afscheid sta ik glimlachend op de stoep. Ik besef me dat het leven in het Gasthuis raakvlakken heeft met mijn eigen leven. Soms zijn er verdrietige momenten door verlies, maar er is ook ruimte voor lichtheid en plezier
Taiga Tijhuis
Klik hier voor meer informatie over het gasthuis, of ga naar de website van het gasthuis.







